Partnerpensioen voor samenwoners
Samenwoners staan niet automatisch bekend bij het pensioenfonds. Wat je aanmeldt, wat de nieuwe pensioenwet verandert en waarom je moet checken welke regels jouw uitvoerder nu toepast.
Kort antwoord
Woon je samen, dan weet je pensioenuitvoerder niet vanzelf dat je een partner hebt. Controleer daarom bij elke uitvoerder of je je partner moet aanmelden en aan welke voorwaarden jullie moeten voldoen. De overgang naar de nieuwe pensioenregels loopt nog, dus kijk welke regels jouw uitvoerder nu toepast. Een notarieel samenlevingscontract is het bewijsstuk dat overal wordt geaccepteerd.
Ben je getrouwd of heb je een geregistreerd partnerschap dan krijgt je pensioenuitvoerder dat door via de gemeente. Je partner staat bekend en er hoeft niets te gebeuren.
Woon je samen dan gebeurt dat niet. De gemeente geeft niets door. Je uitvoerder weet niet dat je een partner hebt en gaat er dus ook niet vanzelf van uit.
Dat is het uitgangspunt en daar begint alles mee.
Aanmelden is het punt waar het misgaat
Bij samenwonen wordt je partner niet automatisch via de gemeente bij je pensioenuitvoerder geregistreerd. Controleer daarom bij je uitvoerder of je je partner moet aanmelden en aan welke voorwaarden jullie daarvoor moeten voldoen.
Kijk op mijnpensioenoverzicht.nl welke uitvoerders je hebt en loop ze na. Heb je bij vier werkgevers gewerkt dan kunnen dat vier partijen zijn met vier verschillende reglementen. Bewaar de bevestiging van een aanmelding.
Kijk niet alleen naar de regeling van je huidige werkgever. Heb je bij eerdere werkgevers pensioen opgebouwd, controleer dan ook welke nabestaandenrechten daar bestaan en wie daarvoor volgens die regeling als partner geldt. Dat kan per uitvoerder verschillen.
Let op: de overgang loopt nog
De overgang naar de nieuwe pensioenregels is op dit moment nog bezig. Niet iedere pensioenregeling werkt al volgens de regels die hieronder staan.
De regelingen moeten uiterlijk op 1 januari 2028 zijn aangepast en uitvoerders mogen eerder overstappen. Controleer daarom altijd welke regels jouw uitvoerder nu toepast. Lees wat hieronder staat dus niet als je huidige recht maar als het beeld waar je regeling naartoe gaat.
Wie geldt er als partner
De nieuwe pensioenwet voert een uniform partnerbegrip in. Als partner geldt de meerderjarige persoon die met de deelnemer een gezamenlijke huishouding voert. Bloedverwanten in de eerste graad en bloedverwanten in de tweede graad in de rechte lijn zijn uitgezonderd, net als een meerderjarig stiefkind of voormalig pleegkind.
Samenwonen met een ouder of een kind levert dus geen partnerpensioen op. Samenwonen met een broer of zus of met iemand buiten de familie kan bij sommige uitvoerders wel.
Die gezamenlijke huishouding kan worden aangetoond met een notarieel samenlevingscontract of met een samenlevingsverklaring die jullie allebei ondertekenen. Die verklaring is nieuw. Tot nu toe eisten de meeste uitvoerders een notarieel contract.
Het moment waarop een uitvoerder overstapt verschilt. Sommige fondsen accepteren de verklaring al, andere pas later. Je uitvoerder bericht je daarover. Ga dus niet af op wat je bij een ander fonds hebt gelezen.
Scheid twee momenten
Bij nabestaandenpensioen gaat het bijna altijd mis omdat mensen twee situaties op één hoop gooien.
Overlijden vóór je pensioendatum. Hier is door de nieuwe wet het meeste veranderd. Het partnerpensioen wordt voor die situatie uitsluitend op risicobasis verzekerd. Er wordt geen pot opgebouwd. Er loopt een verzekering zolang je deelneemt aan de regeling.
De hoogte wordt een percentage van je pensioengevend salaris. Voor het partnerpensioen kan maximaal vijftig procent worden verzekerd en voor het wezenpensioen maximaal twintig procent. Voor een kind dat beide ouders verliest mag dat worden verdubbeld en het wezenpensioen loopt straks standaard tot vijfentwintig jaar.
Die vijftig procent is een maximum en geen norm. De werkgever bepaalt binnen die grens welk percentage geldt en veel werkgevers kiezen lager. Kijk dus wat er in jouw regeling staat.
Wat wel een verbetering is: de hoogte hangt niet meer af van het aantal dienstjaren en de AOW-franchise wordt niet meer ingebouwd.
Overlijden op of na je pensioendatum. Hier verandert de systematiek niet. Wat je partner krijgt hangt af van wat je hebt opgebouwd en van de keuze die je maakt bij je pensionering. Bij veel uitvoerders kun je een deel van je ouderdomspensioen ruilen voor partnerpensioen of juist andersom. Ben je volledig met pensioen zonder dat er partnerpensioen is geregeld dan krijgt je partner uit die regeling niets.
Neem die keuze niet in de laatste week voor je pensioendatum.
Waar de dekking kan wegvallen
Dit raakt samenwoners en gehuwden gelijk en bijna niemand denkt eraan.
Een verzekering op risicobasis hangt aan je deelname. Ga je uit dienst dan stopt de dekking. Daar zit een vangnet aan. Na uitdiensttreding loopt de dekking nog drie maanden door en soms zes, afhankelijk van de regeling. Ontvang je een WW-uitkering of een Ziektewetuitkering dan blijft het partnerpensioen verzekerd zolang die uitkering loopt. Stopt de uitloopdekking dan kun je eenmalig kiezen om het partnerpensioen vrijwillig voort te zetten. Voor het wezenpensioen kan dat niet.
Wissel je van baan met een tussenperiode van vier maanden zonder uitkering dan kan er dus een gat zitten. Dat is het moment om na te gaan of je die voortzetting wilt of dat je het risico opvangt met een overlijdensrisicoverzekering.
Was jouw nabestaandenpensioen vóór de overstap op opbouwbasis geregeld dan blijft dat opgebouwde deel bestaan. Je kunt dus een combinatie hebben van een oud opgebouwd deel en een nieuwe risicodekking, en dat kan per uitvoerder verschillen.
Wat het samenlevingscontract hier doet
Het contract bepaalt niet of je recht hebt op partnerpensioen. Dat doet het pensioenreglement.
Wat het contract doet is het bewijsstuk leveren dat overal wordt geaccepteerd, ook bij uitvoerders die de samenlevingsverklaring nog niet aannemen. Daarnaast kan een notarieel samenlevingscontract ervoor zorgen dat jullie als partners gelden voor de erfbelasting, als ook aan de overige voorwaarden en termijnen is voldaan. En het regelt het verblijvingsbeding en de verdeling bij een breuk.
Het partnerpensioen is dus één reden van meerdere en het is niet langer de enige route.
Gaan jullie uit elkaar dan verandert er meer dan alleen de aanmelding. Lees daarover verder in Partnerpensioen na uit elkaar gaan.